Ik draafde wat door de tuin, waarschijnlijk achter. Naast wat de keuken moest zijn plukte Oudje (onze kokkie) allerlei plantjes en nam deze mee naar binnen. Toen ik ook die plantjes wou plukken kwam Oudje weer naar buiten en zei dat ik dat niet moest doen. Toen ik het ruim twintig jaar later hier over had bleek dat daar een kruiden tuintje was. Ook draafde ik een keer door de tuin en daar stond Jantje. Si Jantje werd hij genoemd. We rende alle kanten op om naar alles en nog wat te kijken. Tot dat we een vreemd huisje zagen, wat onze aandacht trok. Nieuwsgierig als we waren gingen we kijken. Leeg en niets te vinden. Vies nat in een hoek en toen vermoede wij waarvoor het hokje was. Dus toen moeten wij het ook maar uit proberen. Kamar kecil untuk pembantu. Een andere keer liep ik door het huis richting Oudje. Ze was druk bezig in pannen te roeren. Op eens riep ik “éééh kokkie si tikus” en sprong daarbij op en neer. En ja hoor, Oudje begon ook op en neer te springen terwijl ze riep aduh, aduh. Daarna werd ik door mijn moeder daar weg gehaald en ze was boos. Oudje was latah! Latah is een psychische aandoening die voornamelijk voorkomt in Zuidoost- Azië Wie aan deze aandoening lijdt, heeft pathologisch sterke reacties op schrik of verrassing. Hierbij gaat de zelfbeheersing verloren en treden echolalie en imitatie van acties van anderen op. Als kleine dreumes wist ik kennelijk dat ze raar zou doen als ik haar liet schrikken. Waarschijnlijk op een zondag gingen we met z’n allen naar Tanjung Priok. Lopen op het strand. Vaak een hele afstand voor mij. Dus werd ik op de schouders genomen van een broer van mij. Ik stond op zijn schouders terwijl hij mij bij de handen vast hield. Ik vond dat helemaal niet leuk. Mijn voeten deden pijn. Mijn broer was erg mager en met kennelijk mijn tere voetjes deed dat pijn. Een ander keer liep ik voor in de tuin. Een broer van mij rende achter mij aan, pakte mij beet en ging op de grond liggen?? Na lang nadenken bleek deze ervaring te kloppen.
We woonden aan een pleintje er zou op dat moment veel lawaai te zijn. Waarschijnlijk weer een demonstratie van Pemuda’s (demonstranten).Om geen risico te nemen voor eventueel geweld, moest ik uit het zicht. Mijn moeder zat in een stoel en ik moest naast haar gaan staan, en ze wees mij op een bloeiende boom(flamboajant).Dat moest voor een foto die mijn vader wilde maken. Een ander foto van mij werd gemaakt door mijn oudste broer. Hij deed mee aan een foto wedstrijd. Ik moest op een stoel zitten met een koptelefoon op mijn hoofd. Op de tafel stond een kastje met een knop er op. Ik moest aan de knop draaien en goed luisteren. Maar ik hoorde niets. Veel later werd door die broer bevestigd dat het zeer waarschijnlijk was, dat de kristal ontvanger het nog niet zou doen. Op weg naar Nederland herinner ik mij nog verscheidene dingen die ik mee maakte op de Oranje. Maar toen waren we al weg uit Batavia.
Herinneringen zijn leuk en mooi, maar vaak ook emotioneel.Veel later heb ik mij wel eens afgevraagd hoe het met Jantje zou gaan, mijn eerste vriendje. Heeft hij ook zulke herinneringen. Denk het helaas van niet. Mijn geheugen schijnt buiten gewoon te zijn. Maar wie weet. Jantje. . . apah kabar??? Harapmu kabar baik!!
Wil
Burgum (DC)
0 reacties:
Een reactie plaatsen